Wanneer normale activiteit een aanval verbergt
Een aanmelding bij Microsoft 365 vanaf een nieuw toestel hoeft niet verdacht te zijn. Het uitvoeren van een PowerShell-Script of het gebruik van een remote management tool evenmin, want het maakt deel uit van de dagelijkse werking van veel IT-teams.
De context bepaalt het verschil. Logt iemand midden in de nacht in vanuit een ongebruikelijke locatie? Wijzigt dezelfde gebruiker vervolgens toegangsrechten en downloadt die grote hoeveelheden data? Dan ontstaat een totaal ander risicoprofiel. En cybercriminelen maken hier bewust gebruik van.
Met zogenaamde living-off-the-land-technieken misbruiken ze bestaande tools en processen die al aanwezig zijn in de omgeving. Ze vermijden opvallende malware en proberen zo lang mogelijk onder de radar te blijven.
Daarom moeten organisaties verder kijken dan de gebruikte tool alleen. Securityteams moeten begrijpen wie een actie uitvoert, vanaf welk toestel, vanaf welke locatie en met welke rechten. Pas dan ontstaat het volledige plaatje.
Identiteiten vormen het geliefde doelwit
Cybercriminelen richten zich steeds vaker op identiteiten. Wanneer een aanvaller toegang krijgt tot een gebruikersaccount, opent het vaak de deur naar e-mail, Teams, SharePoint, OneDrive en andere bedrijfskritische systemen.
Bovendien lijken met geldige aanmeldgegevens veel acties op het eerste gezicht volledig legitiem. Daardoor missen traditionele beveiligingsmaatregelen soms belangrijke signalen. Organisaties kunnen zich daarom niet langer uitsluitend richten op malware en toestellen. Ze moeten ook gebruikersgedrag, actieve sessies, toegangsrechten en cloudactiviteiten monitoren.
Vaak verraadt één afzonderlijke gebeurtenis nog niets. Pas wanneer verschillende kleine afwijkingen samenkomen, ontstaat een duidelijk beeld van een compromittering. Net daar maken moderne detectieplatformen vandaag het verschil.
Ransomware is vaak alleen de laatste zichtbare stap
Wanneer ransomware bestanden versleutelt en bedrijfsactiviteiten verstoort, heeft de aanval meestal al een lange weg afgelegd. Voordat de aanvallers toeslaan, brengen ze de omgeving in kaart. Ze verzamelen informatie, zoeken gevoelige gegevens, verhogen hun rechten en identificeren kritieke systemen.
We zien ook steeds vaker dat hackers data stelen voordat ze bestanden versleutelen.
Daardoor krijgt een organisatie niet alleen te maken met operationele schade, maar mogelijk ook met een datalek, reputatieschade en juridische gevolgen.
Gelukkig laten aanvallers onderweg vaak sporen achter, zoals:
- ongebruikelijke toegang tot gedeelde mappen
- grote hoeveelheden downloads
- het aanmaken van verdachte archieven
- onverwachte gegevensoverdracht naar externe diensten
- (verdachte) activiteiten vanuit accounts met uitgebreide rechten
Hoe sneller uw organisatie deze signalen detecteert en onderzoekt, hoe groter de kans om een aanval te stoppen voordat de echte schade ontstaat.
Cyberlokmiddelen helpen aanvallers zichtbaar maken
Sommige aanvallers bewegen zich bijzonder voorzichtig door een omgeving. Ze vermijden opvallende acties en proberen zo weinig mogelijk sporen achter te laten. Cyberlokmiddelen of honeytokens helpen om ook deze indringers sneller op te merken.
Dat kan bijvoorbeeld een nepaccount zijn, een valse API-sleutel, een lokdocument of een speciaal bewaakte resource die geen enkele legitieme gebruiker nodig heeft. Zodra iemand hiermee interageert, ontvangt het securityteam onmiddellijk een waarschuwing. Een aanvaller die een omgeving verkent of op zoek gaat naar toegangsgegevens verraadt zichzelf daardoor veel sneller.
Honeytokens vervangen bestaande beveiligingsmaatregelen niet, maar voegen wel een extra detectielaag toe die bijzonder effectief kan zijn tegen stille aanvallers.
Meer data betekent niet automatisch meer veiligheid
Moderne beveiliging produceert enorme hoeveelheden gegevens. Aanmeldingen, endpoint-events, netwerkverkeer, cloudactiviteiten en wijzigingen in rechten genereren voortdurend nieuwe informatie. Maar meer data leidt niet automatisch tot betere beveiliging.
Wanneer waarschuwingen verspreid zitten over verschillende tools of belangrijke meldingen verdwijnen tussen honderden alerts, neemt het risico toe dat securityteams cruciale signalen missen. Daarom investeren veel organisaties in XDR- en SIEM-platformen die gegevens centraliseren en verrijken met context. Toch blijft technologie slechts een deel van de oplossing.
De belangrijkste vraag luidt: detecteert uw organisatie de dreigingen die voor uw omgeving het meeste risico vormen?
Van detectie naar actie
Een waarschuwing heeft pas waarde wanneer het IT-team dit tijdig onderzoekt en de juiste actie neemt. Daarom moeten ze onmiddellijk kunnen handelen, want elke minuut telt. Dat kan betekenen dat ze:
- een account blokkeren
- een sessie beëindigen
- een toestel isoleren
- verdachte netwerkcommunicatie stoppen
- toegangsrechten intrekken
Hoe sneller een organisatie reageert, hoe kleiner de impact meestal blijft. Daarom vormt een goed detectieproces slechts één deel van het verhaal. Even belangrijk is het vermogen om snel en doeltreffend op te treden.
Continue monitoring via Ricoh GSOC
Continue monitoring klinkt logisch, maar vormt voor veel organisaties een uitdaging. Cyberaanvallen beperken zich niet tot kantooruren en interne IT-teams combineren vaak meerdere verantwoordelijkheden, waardoor het niet altijd mogelijk is om alle beveiligingsmeldingen continu op te volgen.
Daarom kiezen steeds meer organisaties ervoor om hun interne expertise aan te vullen met een Security Operations Center.
Het Ricoh Global Security Operations Center (GSOC) bewaakt IT-omgevingen 24/7 en helpt organisaties om verdachte activiteiten sneller te detecteren, te analyseren en erop te reageren. Daarbij kijkt het niet alleen naar malware of klassieke beveiligingsmeldingen, maar ook naar afwijkende aanmeldingen, verdachte gebruikersactiviteiten, identiteitsgerelateerde dreigingen en andere signalen die kunnen wijzen op een compromittering.
Voor IT-teams betekent dit extra expertise en continue opvolging. Voor het management betekent het vooral een kleinere kans dat een onopgemerkte aanval uitgroeit tot een bedrijfsonderbreking, datalek of ernstige crisis.
Biedt uw detectie voldoende dekking?
Veel organisaties beschikken vandaag over EDR-, XDR- of SIEM-oplossingen. Dat betekent echter niet automatisch dat alle belangrijke dreigingen worden gedetecteerd. Stel uzelf daarom enkele eenvoudige vragen:
- Monitoren we identiteiten, toestellen, netwerkverkeer én cloudomgevingen?
- Hebben we zicht op afwijkend gebruikersgedrag?
- Beoordelen we kritieke waarschuwingen tijdig?
- Weten we precies wie welke actie moet ondernemen bij een incident?
- Kunnen we ook buiten de kantooruren reageren?
Cyberweerbaarheid betekent niet dat u elke aanval voorkomt, maar wel dat u een aanval snel detecteert, efficiënt indijkt en de impact ervan beperkt voordat die uitgroeit tot een bedrijfscrisis.
Hoe snel zou uw organisatie een aanval herkennen?
Een geldige aanmelding is niet altijd legitiem. Een vertrouwde beheertool wordt niet altijd met goede bedoelingen gebruikt. En een onschuldig ogende waarschuwing kan het eerste signaal zijn van een veel groter probleem.
De belangrijkste vraag is niet of uw organisatie beveiligingsmeldingen ontvangt, maar wel of u de juiste signalen op tijd opmerkt en er snel genoeg op reageert.
Met de gratis Orbid Security QuickScan krijgt u inzicht in uw detectiecapaciteit, cybervolwassenheid en belangrijkste verbeterpunten, zodat u beter voorbereid bent op de dreigingen van vandaag én morgen.